De funderingsproblematiek in Nederland krijgt steeds meer aandacht. Steeds meer gebouwen krijgen te maken met funderingsproblemen of lopen een verhoogd risico. Zonder tijdige maatregelen kunnen de maatschappelijke en financiële gevolgen de komende jaren verder oplopen.
Voor eigenaren en beheerders van vastgoed betekent dit dat de fundering een steeds nadrukkelijker onderdeel wordt van het beoordelen en beheren van de staat van een gebouw.
Oorzaken van funderingsproblemen
Funderingsproblemen kunnen verschillende oorzaken hebben. Verlaging van de grondwaterstand door langere periodes van droogte. Maar ook de sterke wisselingen in hoog en laag water kan fundering op houten palen flink aantasten. Daarnaast is bodemgesteldheid van belang. Vooral oudere gebouwen op bodems, zoals klei en veen, kunnen kwetsbaar zijn.
Er kan een vermoeden ontstaan dat er wat mis is met de fundering van een gebouw. Denk aan bijvoorbeeld:
- Scheuren in gevel, binnenmuren, vloeren en plafonds
- Klemmende ramen en deuren
- Scheve vloeren en muren
- Water in de kruipruimte aanwezig
De gevolgen zijn niet altijd direct zichtbaar. Deze verschijnselen hebben niet automatisch een funderingsprobleem als oorzaak. Dit is afhankelijk van verschillende factoren. Een degelijk funderingsonderzoek is niet onverstandig. Zeker nu de funderingsproblematiek een steeds belangrijker aandachtspunt is geworden.
Belang van tijdige signalering
Het is belangrijk om mogelijke funderingsrisico’s tijdig in beeld te brengen. Een visuele inspectie kan aanleiding geven voor nader onderzoek. Bij signalen van mogelijke funderingsproblemen kan aanvullend onderzoek nodig zijn naar onder meer de bodemgesteldheid, grondwaterstanden, het type fundering en eventuele historische veranderingen aan het gebouw of de omgeving.
Ook bij aankoop, verkoop of waardering van vastgoed is het raadzaam om funderingsrisico’s mee te nemen. Taxateurs dienen namelijk sinds april 2026 een nieuw model Taxatierapport Woonruimte in te vullen, in dit rapport krijgt de beoordeling van funderingen een aanzienlijk grotere rol dan voorheen. Zo komt men niet voor verassingen te staan en krijgt het gebouw een degelijkere inspectie en waardebepaling door middel van ook omgevingsfactoren als de bodemgesteldheid door heel Nederland.